Auteur Topic: DE KROONVLAG  (gelezen 76540 keer)

0 leden en 2 gasten bekijken dit topic.

Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #30 Gepost op: di/ 5/jun/2012 : 20 : 15 »
Uit de Kroonvlag mei 1979

Vaarwel ES'-schepen, vaarwel

Nadat in 1972 de laatste eenheden van de in totaal uit 10 schepen bestaande `IS'-klasse werden verkocht en in 1974 de laatste 5 'ON'-schepen van deze oorspronkelijke 13 eenheden tellende serie aan nieuwe eigenaren werden overgedragen, werd in 1977 een begin gemaakt met het geleidelijk afstoten van weer een andere succesvolle serie KNSM-schepen, onze mooie naoorlogse 'ES'- klasse, die in totaal uit 14 eenheden heeft bestaan, waaronder het ongelukkige m.s. 'SOPHOCLES'. dat in 1963 als laatste schip van deze serie opgeleverd, in februari 1965 onder gezag van Kapitein G. H. Kuipers op de thuisreis bij de Azoren ten onder ging na een deflagratie, een zich langzaam voortplantende explosie in de lading kunstmest, in Aruba ingenomen voor lossing in Noorwegen. Bij deze ramp kwamen helaas 3 der opvarenden om het [even, hoewel Kapitein T. Boer met het m.s. 'ULYSSES' snel ter plaatse kwam om hulp te bieden. De overige bemanningsleden werden door dit schip aan boord genomen en behouden op de Azoren Ban land gebracht. In die dagen was er altijd wel een KNSM-schip ergens in de buurt ......

Aristoteles
In 1977 werden de ms. 'ARES', SOCRATES', 'CERES', 'ARCHIMEDES', 'ACHILLES' en 'HERMES' verkocht, in 1978 de  'ARISTOTELES',  'DIOGENES',  'PALAMEDES' en 'PERICLES', terwiji in dit jaar de 'ULYSSES' aan nieuwe Griekse eigenaren in Trinidad werd overgedragen, de 'GANYMEDES' op 4 april j.1. in Talcahuano aan Ecuadoriaanse kopers, terwiji de Peruaanse vloot zich in mei verrijkt zag met het m.s. 'YACU CASPI', de nieuwe naam voor het m.s. 'HERCULES' als laatste ons nog overgebleven eenheid van deze klasse, gemiddeld 17 jaar in actieve KNSM dienst.

Toen zo rond het midden der vijftiger jaren het vervoer naar Venezuela vanuit Europa een steeds grotere omvang aannam en bovendien met de fa Navios- Nassau een contract zou kunnen worden gesloten voor het vervoer van een grote hoeveelheid ijzererts van Puerto Ordaz naar N.W.Europa nam de KNSM het besluit de in het verkeer op de Westkust van Zuid-Amerika opererende 3 Victory-schepen 'BAARN'/ 'BREDA'/'BENNEKOM' alsmede het reeds eerder daaruit genomen m.s. 'DELFT' in te zetten op de dienst naar Venezuela. De zogenaamde Zuid-Pacific Lijn, die vanaf 1951 samen met de Flota Mercante Grancolombiana werd gevaren (aanvankelijk t/rn Ecuador later t/m Peru en nog weer later t/m Chili) zou clan tijdelijk bezet worden door chartertonnage van het type 'ELBE'/'CONGO' (4500 tons dwt/245.000 cft bale space), resp. 'FRANKRIG', 'NESTOR', 'WERNER VINNEN' enz. (ca. 6500 tons dwt/330.000 cft bale space) op [angers termijn ingehuurd.

Ondanks het nadeel, dit werd onderkend en erkend, dat op deze wijze de ervaring van onze gezagvoerders en bemanningen opgedaan in deze Zuid-Pacific dienst verloren zou gaan was deze vaarplanopzet voor de KNSMer een, die gunstige resultaten afwierp. De snelle thuisrelzen van de Victories/'DELFT' vertoonden een positief resultant, een uitzondering in het Caraibisch verkeer van die tijd! Terwijl de kleinere charterschepen op de Zuid-Pacific hun meer frequents rondreizen konden maken in 98 dagen tegenover de 112 dagen, die de Victories daartoe nodig hadden. Bij de verdere uitbouw van de KNSM-vloot, het 'IS'-programma was eind 1957 afgelopen, het 'ON'-programme zo ongeveer halverwege was het dan ook duidelijk, dat eigen tonnage op de Zuid-Pacific moest worden besteld, waarbij de keuze van de grootte en snelheid geen grote problemen opleverde, gezien de gunstige ervaring met de charterschepen: zij zouden 15/16 mijl moeten lopen, ca. 7.000 tons deadweight moeten hebben bij een kubiek van ca. 320.000 cft., accommodatie moeten hebben voor 12 passagiers en bovendien over behoorlijk laad/losgerei moeten beschikken: het eerste schip, de 'ACHILLES' zou evenals het m.s. 'PERICLES' een zware spier van 120 ton op RII krijgen, de andere een spier van 75 ton naast spieren van 30 ton op Rill, terwiji met het oog op vervoer van vloeibare lading in bulk (ongevaarlijke chemicalien uitgaand, visolie van Peru en wijn van Chili thuisgaand) in RIV naast de tunnel 4 dieptanks en in het tussendek van dat ruim een kleine koel/vrieskamer werden aangebracht.

Later in de zeventiger jaren werden deze spieren zelfs verzwaard: het m.s. 'ACHILLES' en m.s. 'PERICLES' tot 200 ton, het m.s. 'HERCULES', 'ULYSSES' en 'GANYMEDES' tot 120 ton. Nog in het ontwerpstadium van het eerste schip werd op een waardevolle suggestie van één van onze toenmalige supercargo's besloten de tussendekken te versterken i.v.m. het vervoer van Chileens koper, van welke suggestie veel plezier werd ondervonden bij de zeer grote hoeveelheden koper, die op deze schepen daardoor konden worden ondergebracht! Zij werden gebouwd bij de Gebroeders Pot in Bolnes, bij Van der Giessen, bij Vuyk en bij de ADM in Amsterdam, toen deze ADM naast het verrichten van reparatiewerk ook nog schepen bouwde (de eerste 2 'ON'-schepen JASON'/SOLON' waren eveneens bij de ADM gebouwd). In die tijd had de KNSM een geweldig bouwprogramma, tussen maart 1959, toen de 'ACHILLES' bij de Gebroeders Pot te water werd gelaten en maart 1963, toen de stapelloop van het m.s. 'SOPHOCLES' bij Van der Giessen plaats vond,  dit schip was toen het 25ste schip, dat die werf voor de KNSM gebouwd heeft! —werden bovendien nog een aantal 'ON'-schepen en 'AS'-schepen aan ons geleverd alsmede het m.s.'MINOS!

29 oktober 1959 was in dit opzicht wel een heel gedenkwaardige deg — op die datum werden nl. het m.s. 'DIOGENES' en het m.s.'KREON' te water gelaten en de kiel gelegd voor het m.s. 'CHIRON'. De toenmalige redacteur van De Kroonvlag had daarbij de niet zo eenvoudige task voor al die kielleggingen, tewaterlatingen en overname-plechtigheden steeds weer een nieuw verslag te schrijven zonder al te veel in herhalingen te vervallen! Laten wij ons hierbij echter toch vooral realiseren, dat het huidige bouwprogramma, een tweede groot containerschip medio 1980 na de 'HOLLANDIA' van maart 1977 in dezelfde tijdsspanne van 4 jaar met de daarbij behorende containers nagenoeg een zelfde investering vergt als de 14 'ES'-schepen tussen 1959 en 1963!

Zoals gezegd zou het m.s. 'ACHILLES' het eerste schip van deze serie zijn, doch vlak voor oplevering bij het testen van de zware spier van 120 ton mast en spier naar beneden, gelukkig zonder persoonlijke ongelukken te veroorzaken en zo werd het m.s.'ARES'in 1959 het eerste schip van deze serie. Maar voor de statistiek gaat toch het m.s. 'ACHILLES' door voor het vijftigste schip, dat na de oorlog door ons Bouwbureau onder leiding van de heer Van Kuyk werd ontworpen! De eerste jaren van deze 'ES'schepen waren evenwel niet zo gelukkig, waarbij het m.s. 'ACHILLES' wel een bijzonder moeilijke jeugd had; door een brand in de machinekamer in Buenaventura en moeilijkheden met de uitlijning van de schroefas, een probleem, waarmee Ir. Dijkshoorn van het Bouwbureau en de heer Kers van de Technische Dienst alsmede de werktuigkundigen van het schip zelf veel moeilijkheden ondervonden en welk probleem uiteindelijk pas kon worden opgelost nadat Bureau Veritas op aanwijzingen van toen nieuwe, uiterst verfijnde meetapparatuur tot de conclusie kwam, dat versterkingen in het achterschip moesten worden aangebracht.

Eveneens werden grote problemen ondervonden met de eerste schepen van deze serie, waarbij onder bepaalde omstandigheden door zwelling van onvoldoende voorgewaterde nylon bussen, 'waarin het roer gelagerd was, deze bussen muurvast om de roerkoning kwamen te zitten. en het schip stuurloos maakte. Hoewel dit uiterst hachelijk kan zijn, werd hierbij nooit schade gemaakt, maar de sleepbootmaatschappijen voeren er wel bij, tot het besluit genomen werd, nadat dit wederom was voorgevallen, alle schepen in de eerstvolgende geschikte haven droop te zetten en deze nylon bussen te vervangen door roestvrij stales bussen. Toen Kapitein S. B. Luymes, qie het M.S. 'ACHILLES' had 'uitgehaald' van de werf, eens gevraagd werd, of hij niet een beetje mismoedig werd van al die moeilijkheden op zijn schip, antwoordde hij, dat je er van gaat houden als van een 'ziek kind', maar dat zieke kind is later dan toch maar tot een volwaardig lid van deze'ES'-familie opgegroeid.

Inmiddels was besloten het 7e schip van deze serie – het M.S. 'SOCRATES' – nog bestemd voor de Zuid-Pacific dienst in te zetten op het verkeer near Curaqao, Aruba, All. Colombia en Puerto Limon en daartoe in het tussendek van Rill koel/vriesruimte in te bouwen en die in RIV te laten vervallen, waarmede de 'kastenES' geboren was en de serie ook verder ken worden uitgebreid. Eén van die kasten-'ES'-sen, het M.S. 'ARISTOTELES' onder gezag van Kapitein S. J. Kooger, had wel een zeer ongelukkig begin. Een dag na de overname in december 1962 had dit schip, bij Blexenrede op de Weser, een aanvaring met de 'GRAVELAND' van de toen nog niet onder de KNSM Group opererende KHL, waarbij ernstige schade werd opgelopen.

Over het ontijdig einde van de SOPHOCLES' schreven wij reeds in de aanvang van dit artikel, doch een emstig ongeval overkwam ook ons m.s. HERMES', dat onder gezag van Kapitein C. W. E. van Eyk op 9 april 1965 van Montreal vertrok en in de vroege morgen van 10 april in aanvaring kwam als gevolg van niet in de juiste lijn geplaatste geleidelichten met het naar Montreal opstomende Duitse M.S. 'TRANSATLANTIC', waarbij dit laatste schip midscheeps werd geraakt en in brand vloog; helaas verloren drie opvarenden van dit laatste schip hierbij het leven.

Na deze minder gelukkige beginjaren hebben deze schepen daarna betere jaren gekend, waarbij deze kasten-'ES'-sen werden ingezet op Venezuela, Colombia, de Grote Antillen, Suriname, Westkust en Oostkust Centraa Amerika en Canada alsmede een enkele keer in de Middellandse Zee, terwiji zij later in slingerdienstverband ook in het verkeer van de Golf van Mexico en de U.S. Oostkust near West-lndie hun afvaarten gaven. Nadat de in het USA-verkeer opererende 'ON'-schepen alle waren verlengd, kwamen ook de op Chili varende 'ES'-schepen aan de beurt voor verlenging, waarbij hun kubiek werd vergroot tot 365.000 cft. Deze verlengingsoperatie werd in een buitengewoon snel tempo uitgevoerd, nadat een reis tevoren alles in het dok nauwkeurig was opgemeten en de aan te brengen sectie gedurende deze reis precies op maat was gebouwd.

Tenslotte werden ook de kasten 'ES'-sen alle verlengd; de aldus verkregen extra capaciteit per schip kwam ons goed te stade in de allengs met de andere rederijen gegroeide samenwerking m.b.t. de frequentie van afvaarten zoals met de Hapag Lloyd naar de Grote Antillen/Oostkust CentraalAmerika, maar vooral ook in de nu nog steeds bestaande Joint Venture naar de Zuid-Pacific met de Flota Mercante Grancolombiana. In de eerste jaren van het vervoer van aluinaarde van Paranam near de nieuwe aluminium-installatie in Delfzijl verzorgden de 'ES'-schepen dit vervoer, tot ook hier van de kant van afladers grotere en Meer aangepaste tonnage werd verlengd.... Voor het verkeer, waarvoor deze 'ES'-kiasse bedoeld was en de tijd, waarin en de t1jdsornstandigheden, waaronder deze schepen werden besteld, waren zij uitermate geschikt met hun mooie, lange laadbomen, hun grote luikhoofden 2 en 3, met hun 'flush' tussendek, met hun goede stabiliteit en dekruimte en hun vele mogelijkheden, met daarnaast hun goede passagiersaccommodatie, waarvan een intensief gebrulk is gemaakt. Echter de tijden veranderen en daarmee ook de schepen ... en de havens en de techniek van het laden/lossen ...

M.S. 'PERICLES'. De dekken van de 'ES'-sen boden talloze mogelijkheden voor zware en omvangrijke lading van de meest uiteenlopende soort.
Ter illustratie, het ijzererts van Puerto Ordaz, waarover in het begin van dit artikel werd gesproken, had nog geen diepwaterverbinding naar zee, het vervoer vond nog plaats via de Carlo Macareo, een bochtige zijarm van de Orinoco Rivier naar havens als Emden en Bremen, waar toen nog geen grote schepen naar de voor ertslossing bestemde kaden in die havens konden komen. Bremen en Emden zaten niet stil, terwiji ook van afladerszijde de Orinoco-mending werd uitgebaggerd, zodat veel grotere schepen dan de Victories daar tot volle diepgang konden afladen, waarmede het ijzererts voor ons verloren ging. Nog éénmaal is ons gevraagd mee te doen in dit vervoer van Puerto Ordaz naar Zelzate, nl. toen de nieuwe sluis in Terneuzen nog niet gereed was en Gent derhalve nog niet toegankelijk voor grote schepen. Ons vrachtcijfer naar Zelzate direct mocht dan echter niet hoger zijn dan het cijfer naar Rotterdam van de grote bulkcarriers plus het lichtertarief van Rotterdam naar Gent. Dit was toen al geen haalbare zaak meer...

De laatste jaren waren de resterende 'ES'-schepen dan ook nog slechts ingezet in de USA diensten en werden met uitzondering van de dienst op Chili geen transatlantische reizen met 'ES'-tonnage meer gemaakt, totdat ook in dit USA-verkeer de container steeds verder terrein won. De congesties in Venezuela maken in dit USA-verkeer echter een opsplitsing van de diensten met kleinere tonnage wenselijk en ziedaar het eerste schip van een nieuwe serie ligt alweer klaar! Op 18 me! jl. vond de proeftocht plaats ... Het idee achter deze nieuwe, kleine schepen is goed – hoe goed, dat zal de toekomst moeten bewijzen, maar laten wij hopen net zo goed als het idee indertijd achter deze succesvolle 'ES'-tonnage!
« Laatst bewerkt op: di/ 5/jun/2012 : 20 : 17 door Willem Visser »
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE

Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #31 Gepost op: zo/ 1/jun/2014 : 18 : 54 »
Meteoor haakt aan bij Amersfoort (uit de Kroonvlag juli 1979)

Van 4e stuurman C. Jansen en 5e werktuigkunduge G. Groenenwegen ontvingen we een relaas over het gesleept worden van de 'Meteoor` door onze 'Amersfoort' in februari van dit jaar. Al hoewel eerstgenoemd schip niet meer tot onze vloot behoort blijft het feit toch een feit en bovendien hebben de beide heren de moeite genomen de gang van zaken op papier te zetten als kopij voor de Kroonvlag, iets wat maar al te zelden voorkomt. De foto's werden genomen door stuurman Jansen. Aan beiden dank voor de bijdrage.

Op 8 februari vertrokken wij uit New York onder kapitein H.A. van Tilburg. Er stond windkracht 7 en het sneeuwde. De temperatuur was minus 5 graden celcius. Toch was de sfeer aan boord goed. De helft van de bemanning was in New York afgelost en de nieuwe ploeg verstond elkaar goed. De reis naar Kingston verliep voorspoedig. Binnen 5 dagen liep de temperatuur ca. 35 graden op, maar gelukkig deden nagenoeg alle airco's  het.

In Kingston moest verscheidene malen verhaald worden, zodat het langer duurde dan verwacht en we de nacht moesten blijven overliggen. 's Avonds liep de 'Amersfoort' binnen. We gingen daar natuurlijk even buurten en pas laat in de avond werd afscheid genomen, want we zouden elkaar de volgende dag niet meer zien. De volgende ochtend heel vroeg vertrokken we naar Port au Prince (Haiti). Het was tropisch warm met een onbewolkte lucht. 15 februari tijdens 'daybreak'  liepen we Port au Prince binnen. Het laden en lossen verliep vlot en in de middag verlieten we deze haven alweer. Toen we uitvoeren lag de 'Amersfoort' ten anker. Ze lag te wachten op onze plaats, dus zodra wij vertrokken waren zou ze voor de kant komen. Ook nu was het weer goed en het beloofde een goede terugreis naar New York te worden.

Acht uren later echter, even over 12  middernacht, sloeg het noodlot toe. Onder de Cubaanse kust trad motorstoring op. Bij volle kracht vooruit (480 omwentelingen per minuut van de hoofdmotor) brak een uitlaatklep in tweeën. Nadat de werktuigkundigen de hele nacht hadden doorgewerkt, bleek de schade achteraf dusdanig groot van omvang te zijn dat we niet meer op eigen kracht verder konden varen. Onderwijl dreven we als een lamme eend naar de Cubaanse kust met een snelheid van plm. 2 mijl per uur. Iedereen besefte dat we daar nu juist vandaan dienden te blijven aangezien niemand trek in ' van rijkswege verstrekte voeding'. Na via Lauderdale Radio met het kantoor gebeld te hebben werd na veel wikken en wegen besloten om ons op sleeptouw te laten nemen door de 'Amersfoort'. Die lag op dat momnet al te laden en te lossen te Port au Prince.

Na 16 uur drijven werd te 18.15 uur de volgende dag de sleepverbinding totstandgebracht, tot opluchting avn iedereen aan boord. Met een snelheid van 5 tot 8 mijl per uur werden we terug gesleept naar Port au Prince. Daar kwamen we de 18e om 12 's middags aan. Na 2 dagen 'terug van weggeweest' Vlak vóór Port au Prince Bay werd contact opgenomen met het agentschap door kapitein Brinkers van de 'Amersfoort'. Op een bepaald moment kwam van de wal de vraag waar de gesleepte 'Meteoor' zich bevond: langszij of achter de 'Amersfoort'. Het antwoord van de kapitein luiddee toen: Het ms Meteoor wordr niet gesleept, maar staat bij ons stuurboord aan dek! Na een korte stilte werd de vraag herhaald. Hierom werd als besluit van een voorspoedige sleepreis door de bemanningen van beide schepen achteraf hartelijk gelachen. Zo eindigde ons gecombineerde drijf en sleepavontuur.

Na een verblijf van 13 dagen in Port au Prince, waarin de voortstuwingsinstallatie weer vaarklaar werd gemaakt door de werktuigkundigen, vertrokken wij naar Baltimore. We maakten nog één reis naar West Indië , waar we in Kingston tot onze ontsteltenis hoorden dat de 'Meteoor' definitief was verkocht. Iedereen aan boord had daar zijn eigen idee over. Er waren die dachten: 'Fijn we gaan weer naar huis', maar over het algemeen was iedereen aangedaan door de verkoop van 'onze Meteoor' die onder de Kroonvlag varen mocht. Het bekende schip met de dubbele schoorstenen zou voorgoed verwijnen uit de Caribbian. Tot slot alsnog een woord van dank en waardering aan de bemanning van de 'Amersfoort' voor de geboden hulp aan het 'ms Meteoor'.
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE

Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #32 Gepost op: ma/ 2/jun/2014 : 11 : 40 »
Holland's Glorie op z'n best (Uit de Kroonvlag februari 1978)

Donderdag 6 januari 1927 ontving de marconist van de VULCANUS (KNSM), op de reis van Amsterdam naar Puerto Barrios, in alle vroege een radiobericht van een Amerikaans passagiersschip dat de wacht hield bij de Amerikaanse 4-mast schoener FEARLESS die met een gebroken roerlag. In een radiobericht werd verzocht hulp te verlenen. Daarvoor moest de VULCANUS 20 mijl uit haar koers. Om 10 uur's ochtends werd de schoener bereikt die zich op 19'25’N.Br. en 65 41’ W.L. dus ten N.O. van Puerto Rico. bevond. Direct nadat de VULCANUS de beide schepen had bereikt, vertrok het passagiersschip, dat wel nooit met meer vreugde het saluutsignaal gegeven zal hebben als deze morgen, want het had door het wacht houden zeer grote vertraging opgelopen.

Na bespreking aan boord van de FEARLESS, die een volle lading hout, ook als deklast had, was om 12 uur de verbinding met één tros tot stand gebracht. De sleepreis kon nu beginnen, langzaam vooruit. Het was windstil met kalme zee. Binnen een half uur echter brak de tros. Anderhalf uur later was opnieuw vastgemaakt en om 2 uur kon de reis worden vervolgd. Dit verbinding maken was een zwaar karwei. De gebroken tros moest eerst aan boord van de VULCANUS gehieuwd worden. Daarna door twee matrozen in de werkboot naar de schoener worden geroeid, waarbij de tros langzaam vanaf de VULCANUS gevierd werd. De tros was om het luikhoofd van ruim 3 gelegd, daar ruim 4 te laag in de achterkuil lag. Om half drie brak de tros voor de tweede keer maar een uurtje later was de verbinding weer hersteld, zodat verder kon worden gevaren.

De VULCANUS met de FEARLESS op sleeptouw, nadert San Juan de Puerto Rico

's Avonds tegen zes uur begaf de tros het voor de derde keer, waarna om half tien weer kon worden vastgemaakt. Vrijdagochtend werd de verbinding voor de vierde keer verbroken. tegen zes uur waren we weer vaarklaar. Om half elf werd met een tweede tros verbinding gemaakt uit voorzorg voor het binnenvaren van de haven van San Juan de Puerto Rico. Bij dit binnenvaren dreigde toch nog alles mis te gaan. doordat de stuurloze schoener bij een richtingverandering buiten de vaargeulboei om gierde. waarbij één tros brak en de overblijvende tros begon te gloeien tengevolge van de enorme spanning die erop kwam te staan. Maar deze tros hield het.

Tegen 12 uur verbrak de VULCANUS de verbinding en ging de FEARLESS meteen voor anker. Daarmede was de sleepreis over circa 60 mijl in 24 uur toch nog tot een goed eind gebracht. Het aandeel in het bergloon werd een jaar later aan de bemanning van de VULCANUS naar gelang van hun gage uitbetaald. Voor een bediende met een gage van f 40,- per maand bedroeg dit bijvoorbeeld f 6,-

B. Vallegia

Bemanning Vulcanus 50 jaar geleden

Kapitein J. van der Veer
1ste stuurman Zijlmaker
2de stuurman C. Drijver
3de stuurman W. Hoedemaker
Stm. leerling A. van Swieten
1ste machinist C. Kramer
2de machinist W. Plantinga
3de machinist Th. Visser

Marconist J. van den Brink
Ass. machinist J. van Mameren
Bootsman M. Harteveld
Timmerman D. Wuis
Matroos A. Dorland
Matroos L. Knoester
Matroos A. van Zon
Matroos E. Bont

Matroos o/g J. de Best
Olieman W. van Spankeren
Olieman J. de Vlieg
Stoker J. Plugge
Stoker A. Buurman
Stoker G. de Haan
Tremmer P. Klaasen
Tremmer l. van Dok

Hofmeester J. van Lierde
Kok W. de Groot
Koksmaat N. Jans
Kajuitbediende B. Valleggia
Messroombediende Jan Kouseband
« Laatst bewerkt op: ma/ 2/jun/2014 : 11 : 41 door Willem Visser »
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE

Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #33 Gepost op: wo/ 4/jun/2014 : 18 : 03 »
Uit de Kroonvlag nov. 1972

Meevaren naar St.Maarten en Tortola
Met haar echtgenoot, kapitein R. J. Carrière, heeft mevrouw Carrière-van Schaik een grote reis met de 'Aristoteles' van de KNSM gemaakt. Voor onze lezers schreef zij een verslag over haar bezoek aan St. Maarten en Tortola. Hierdoor kunt U kennis maken met de 'wonder' wereld op deze met natuurschoon zeer begunstigde tropische eilanden.


Na Santander in Noord-Spanje is St. Maarten de eerste aanloophaven. De oceaan heeÍt zich deze keer van haar vriendelijkste kant laten zien, koel tot de Azoren maar daarna in temperatuur snel oplopend, via warm naar zeer warm. Een prachtige blauwe zee, waarin het schip een wit spoor trekt waaruit de vliegende vissen trillend wegschieten om meters verder weer in de golven te duiken. En boven dit alles de wijde blauwe hemel, waarin wat witte wolkendoddels als stijfgeslagen eiwit boven de kim hangen. De nachten zijn stil en warm met fonkelende sterren en een wassende maan, die een zilveren baan over zee trekt. Zo naderen we St. Maarten, dat we bij de eerste dageraad aanlopen.

St. Maarten
De bergen zijn donkere silhouetten in het vroege ochtendlicht, de zon komt snel op en trekt zich nog even terug achter een wolkenbank. De regennevels om de bergtoppen verrassen ons op een mals buitje, maar dat is zo voorbij en stralend in de warme zon ligt daar dan het eiland te wachten als we gemeerd.zijn aan de pier, die uitsteekt in zee. We krijgen een autotocht aangeboden en dat wordt een verrassing zo het eiland te verkennen. Vanaf Philipsburg via de oude zoutpannen naar het Westen. We klimmen hoog de berg op, waar we een eerste schitterend uitzicht hebben op de zee. Bergafwaarts langs het vliegveld, er wordt hier flink gebouwd aan hotels voor de toeristen. Wat een ruimte is hier nog. Via de landtong om de grote lagune naar het Franse gedeelte, we rijden door het enorme recreatiegebied van Ford met zijn bungalows, sportvelden, eigen watervoorziening en waterzuivering.

Marigot
Door Marigot heen en dan weer de bergen in en op naar het dak van St. Maarten, de Pic Paradis, ruim 400 meter hoog. We stijgen snel, rechts van ons diepe dalen met oude plantages, waar de koeien los tussendoor scharrelen op de hellingen. Er is hier veel meer plantengroei, groener met hoge bomen waar de orchideeën aan hangen. De lucht is wat koeler hier. Boven op de top staan de Franse radio-masten en van daaruit hebben we een grandioos uitzicht over de baai, waar we de 'Aristoteles' als een notendopje aan de pier zien. We klauteren nog naar de andere kant, waar we uitkijken over een lagune. Dan dalen we de berg af en rijden naar Grande Case, het blijft bergachtig. Na Grande Case buigen we links af over een weg, die geen weg meer is, naar de kust en dat wordt een prachtige rit; zo langs de zee te rijden en haar steeds weer anders te zien. Een vreemd grillig landschap, hellingen met grote ronde cactea, rotsblokken, diepe kuilen, stijl omhoog slingerend omlaag. We komen tenslotte weer in Philipsburg en stappen erg voldaan weer aan boord. 's Avonds laten we St. Maarten weer achter ons en de volgende morgen is het nog donker als ik boven kom voor het aanlopen van Tortola.

Tortola
Ver weg tinkelende lichtjes in de baai. Vóór ons het silhouet van een hoog rotseiland. Heel aarzelend begint het te dagen en rondkijkend zie ik ineens overal bergen uit zee oprijzen. Sombere massieve klompen naar het schijnt, waarvan hier en daar de witte rotsen het eerste luttele morgenlicht weerkaatsen. Een geheimzinnig zwijgende wereld, die me hevig fascineert. Hoog in de lucht worden de fijne ijle wolkjes nu roze gekleurd en even later staat de hemel in vlam, de eilanden verliezen hun geheimzinnigheid en tonen hun schrale begroeiing. We varen nu recht op Tortola af en in eens zijn de hoogste toppen van de bergen in het gouden morgenlicht en langzaam kruipt het licht koesterend de hellingen af en zet de huizen in het vroege zonlicht.

Baai van Tortola.
De baai licht op van donkerblauw naar lichtgroen. Na een stoot op de fluit, waarvan iedereen wel wakker zal zijn zo schalt het tegen de bergen op, komt het loodsbootje rap aan tuffen en brengt ons de loods, die ons binnenbrengt en om zeven uur liggen we dan keurig gemeerd. Ik heb de berg al gezien, waar ik tegenop wil. De weg slingert omhoog en na het ontbijt ga ik op pad. Bij iedere bocht bij het stijgen zie ik de 'Aristoteles’ onder een andere hoek en telkens heb ik weer een verder uitzicht over de groene baai. Het is meer dan warm, de lucht trilt. Langs de weg liggen wat huisjes in tuintjes, waarde bloemen nog dapper hun best doen op de rotsige grond. Diep beneden staan cocospalmen, links loopt de bergwand steil op; er staan wat ezeltjes en geitjes op de rotspunten verbaasd te zijn en hoog boven knettert een vuurtje en stijgt de rook recht omhoog. Ik zou wel door willen lopen en achter de berg kijken, maar ik moet weer terug en daal uit de stilte de weg af naar de 'Aristoteles', waar men druk bezig is met het lossen. En 's middags verlaten we het eiland weer en door mijn kijker kan ik dan de weg volgen, waar ik 's morgens liep. Tussen de eilandjes door, die er nu in het volle zonlicht zo heel anders uitzien, zoeken we weer het open water op en vervolgen onze reis. Ik had weer even mogen kijken in een voor mij wondere wereld.

Th. J. Carrière-van Schaik.
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE

Offline Hubertus

  • Hero Member
  • Berichten: 2220
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #34 Gepost op: do/ 5/jun/2014 : 14 : 38 »
Tjonge zeg, die lady Carriere had van die mooie vol-zinnen beslist ook der carriere kunnen maken
" tegen een blauwe hemel hangende witte wolkendodden als stijfgeslagen ei-wit " , n say no more !
Maar ja , wat wil je want die S. Boten waren ook voor mij door ,t water snijdende neusje v.d zalm.

                  Bedankt voor het plaatsen weer.......Hub in heerlijk Birzi

Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #35 Gepost op: do/ 5/jun/2014 : 15 : 13 »
Uit de Kroonvlag aug. / sep. 1980

Groeten uit de Caraïbische Zee!!!

Passagieren op Curaçao - Venezolaanse belevenissen.

Het scheepsdagboek vermeldt in nuchtere bewoordingen de werkzaamheden die aan boord werden uitgevoerd tijdens onze ligdagen op Curaçao. Na de hele echte haast niet voor te stellen rustdag op zondag de 17de februari, wordt op maandagochtend met lossen begonnen. Het gaat evenwel niet zo van harte. Zeer waarschijnlijk zit het carnaval de mensen toch wel diep in de benen of wáár zoiets zich dan ook mag nestelen. Bovendien geeft de dekkraan wat moeilijkheden. Dinsdag wordt er de gehele dag gewerkt tot 17.00 uur. Kort daarop zouden we kunnen vertrekken, maar dat wordt toch niet eerder dan 20.00 uur. In verband met de viering van carnaval is vandaag de 'bootjesbrug’ gesloten gebleven. Dit betekent dat we Willemstad in tropische duisternis gaan verlaten, zoals we er ook zijn binnengevaren.

Willemstad
Maar ho, ho, wacht even, zover zijn we nog lang niet. Voor degene die zich kunnen vrijmaken (en dat word bij toerbeurt zo eerlijk mogelijk geregeld) ligt hier het warme Curaçao met open armen te wachten. De groen blauwe baaien liggen in de herinnering van enkelen uitnodigend te glinsteren voor een spartelpartij in het heldere water. De zondag maken we een rit met de auto van meneer de Lange, gastvrij door hem ter beschikking gesteld. Maandag en dinsdag in een wagen van Avis, even hartelijk te onzer beschikking gesteld, maar wel met betaling achteraf. Het is een super kar: een Toyata Crown Super Saloon 2600 automaat, uiteraard met aircondition. Wat wij, gewone sterveling, thuis in ons eigen karretje met de hand doen, gaat hier elektrisch. Om te rillen (die airco). Om eerlijk te zijn hadden we een eenvoudig type moeten hebben, maar dat wagentje is niet op tijd teruggebracht, dus dan maar in deze salon op wielen gestapt. We hebben het eiland in alle richtingen overgecrossed, zowel over de mooie gladde asfaltwegen als de minder begaanbare zijweggetjes, maar daar was het wel zo interessant.

Jaanchie's restaurant, een gezellige tent vlakbij West point Beach
Heel erg boeiend is een bezoek aan het nationale park ’De Christoffelberg’. Hier zijn drie routes uitgezet voor automobilisten. Je kunt vanaf 7 uur in de ochtend naar binnen en verder op elk gewenst tijdstip, met dien verstande dat je ’s middags om 3 uur weer uit moet zijn. dan word het park afgesloten. Bij het verlaten van het park moet je je trouwens weer afmelden. De auto’s die zich niet hebben afgemeld, worden verondersteld onderweg met pech te staan. dat betekent dat 3 uur een terreinwagen het park in gaat om de onfortuinlijke te zoeken. En narigheden op de wegen in dit park is echt niet zo prettig. Heel in het begin n.l. is er een geasfalteerde weg, maar die gaat al spoedig over in zandwegen met zeer ruwe steenslag. Bovendien bijna alle bijzonder smal, vandaar dat het  bijna overal éénrichtingsverkeer is, gelukkig maar! Verder kom je enkele hellingen tegen, zowel op als af, van maar liefst 45 graden. Er staan waarschuwingsborden zodra er zo’n gladjanus verwacht kan gaan worden. Wanneer je bovenaan staat en in die diepte kijkt over je verhitte motorkap, dan stokt je adem wel heel eventjes. Vooral die losse en ruige steenslag geven je visioenen van holder de bolder naar beneden rollen zonder daar controle over te hebben. Maar alles gaat prima en de hellingen op af evenzo. Maar je moet toch echt wel een auto om je heen hebben die technisch goed in orde is, op dat het visioen geen realiteit word!

Camera's worden hier druk gehanteerd
Op een heel smal stuk weg, ergens in de hoogte, stuitten we inderdaad op een pechvogel! Gelukkig is het een recht en vlak gedeelte. Hun grote Amerikaan heeft het laten afweten. De weg is hier smal en we kunnen er zonder meer ook niet langs. Behulpzaamheid is onder de omstandigheden natuurlijk wel een eerste vereiste. Geleerd buigen wij ons over de zwijgende motor, maar die kijkt ons alleen maar gloeiend koortsig aan, bijna vijandig zou je bijna zeggen. Er word hier dan ook wel wat van ze gevraagd. Het enige wat we kunnen, is de zware wagen proberen opzij te duwen, van de weg af, zodat wij er langs kunnen. Van de vier inzittenden kunnen we twee dames en een heer meenemen om ze bij de ingang van het park af te leveren. De chaufferende heer blijft ontgoocheld achter. Het is inderdaad niet zo gezellig. Je weet wel dat je beslist niet aan het einde van de aardbol zit, maar gewoon op een onbewoond deel van Curaçao. Maar toch de verlatenheid om je heen, de hete zon op deze plek, zonde verkoelende wind, maakt het hier wel tot een dorstig paradijs vol met, nu ineens erg onvriendelijke ogende cactussen. Op andere plekken horen en zien we krijsende Aruba parkieten en andere mooie vogeltjes. Ze zijn echter zo snel, dat je ze niet voor de lens krijgt voor een dia of film. kleine leguanen ritselen om ons heen. Onze rit met passagiers verder zonder incident. We hopen alleen maar dat onfortuinlijke meneer die we hebben achtergelaten , binnen niet al te lange tijd uit zijn isolement is verlost.

De laatste middag op Curaçao doorgebracht in Willemstad. Eerst naar Kroonvlag waar ik de heren de de Winter , de Lange en Schnitger weer ontmoet. Ook nog de heer van Nes uit New York, die ik nota bene daar misliep. Ook hier blijkt de wereld klein te zijn. Wat me altijd opvalt van kantoren in de tropen is de schemer, waarin de mensen hun werk verrichten. Als je van buiten komt , uit het felle zonlicht binnenkomt doet dat inderdaad weldadig aan en als zodanig zal het ook wel bedoeld zijn. Maar om daar nu de hele dag je mooie bruine ogen aan te moeten wagen , is misschien toch wel zonde. Maar goed gied ook hier worden de mensen gepensioneerd, dus het zal allemaal wel meevallen, Shopping of 'alleen maar kijken' is gezellig in het winkelcentrum van Willemstad. Overal een mengeling van bonte kleuren die alles (ook nog beschenen door de Caraïbische koperen ploert) een vrolijke aanblik geeft. Af en toe denk je ' loop ik nou op een warme zomerse dag in een bezienswaardig stadje  in Nederland of ben ik echt op enige duizenden kilometeres naar het westen aan de wandel'. Als ik weer bij de schipbrug kom om naar de overkant te gaan, is deze geopend. Geen nood echter, want dan vaart er een pont op en neer tussen de twee stadsdelen, gratis voor niks, maar wel stampvol. Toch ook weer een hele leuke ervaring. Tegen het eind van de middag naar het Zeemanshuis waar de koelte  en een koele dronk voor een toch welkome afwisseling zorgen. Er is hier heel wat te koop voor lage prijzen, vooral op kledinggebied. er zijn gezellige zitjes die noden tot praten en lezen. Tenslotte de 'salon-op-wielen' teruggebracht naar het verhuurbedrijf en op mijn vraag oÍ ik misschien naar het schip zou kunnen worden gereden, gaat er meteen een aardige dame achter het stuur zitten. Zij gaat me naar de STENTOR brengen. Het blijkt wel net het spitsuur te zijn en we zitten direct al in een kilometerslange file van blik. Ik zie de lekkere hap van onze kok Suiding al de mist in gaan en als het even niet wil, nog de STENTOR aan de blauwe horizon verdwijnen ook. Maar gelukkig niets van dit alles. De aardige dame weet raad. Pardoes rijdt ze van de weg af, de berm in en denk nu niet dat dat welig groen gras is. Enkel diepe en minder diepe kuien en lekkere stevige keien, met kwistige hand rondgestrooid. Ons salonnetje hotst en botst er doorheen. Petje af voor de vering. Het is dus wel een wat hardhandige manier, maar de file is nu snel bedwongen, zodat ik keurig op tijd word afgeleverd bij de gangway.

Vanavond 19 februari te 20.00 uur gaan we van de kant. Er is zojuist een schroefverstelpomp uitgevallen, zodat besloten wordt assistentie van een sleepboot te vragen teneinde de STENTOR in een veilige positie te manoeuvreren. En nu weer op naar zee. Eigenlijk het jammer dat we niet met daglicht het eiland verlaten, maar aan de andere kant is de aanblik die het verlichte Willemstad weer biedt als een sprookje. het is bovendien de laatste carnavalsavond, zodat er een enorme drukte heerst langs de waterkant en in het centrum. Honderden en nog eens honderden staan aan het water naar ons te zwaaien als we statig langsvaren. Indrukwekkend en hartverwarmend. Het is geen gebruik en het is niet noodzakelijk, maar dit is een bijzonder moment. Daarom geeft de STENTOR ten afscheid haar machtig fluitsignaal, dat zwaar over water en stad galmt. Het is maar één nacht varen naar onze volgende bestemming, La Guaira, en tegen kwart voor elÍ in de ochtend liggen we op de rede van deze Venezolaanse havenstad. Er blijkt geen ligplaats beschikbaar te zijn, zodat we in het zicht van de haven en de kustlijn, voor anker gaan. Warm blaast het zonlicht op schip en mens. ln de voormast zitten een paar vogels te kwetteren. Die zijn een dagje naar zee. We liggen dan wel ten anker, maar stil liggen we niet. Er staat een behoorlijke deining die ons met stevige hand op en neer wiegt. Verder geen geluid, alles stil en in rust. In gepeins verzonken kijk ik naar de hoge bergruggen van de Andes. Als heersers zie ik ze, breed en duizenden meters hoog, hun kammen in zware wolken verborgen. Ze scheiden het Zuidamerikaanse achterland van deze strook aan de zee, waar de havens zijn, met enkele grote, moderne hotels en het vliegveld bij La Guaira, waar 's zaterdags de Concorde opstijgt. De mens heeft zich evenwel door deze massieven heen gegraven, letterlijk en figuurlijk en een brede verbindingsweg ligt nu tussen de zee en de hoofdstad Caracas. Een in de spitsuren razend drukke autostrada. Toen we nog varende waren, op weg naar onze ankerplaats, werden we begeleid door groepen dolfijnen, die vrolijk buitelend ons de loef probeerden af te steken. Allemaal tegelijk schieten ze  uit het water omhoog, maken een boog door de lucht en plonsen gladjes weer in de golven. Nu het schip stil ligt is er voor hen geen gein meer aan. Ze zijn verdwenen, op zoek naar een nieuwe speelkameraad.

Ten anker op de rede van La Guaira
In de namiddag komt  bericht dat we morgenochtend vroeg naar binnen kunnen. Waarschijnlijk dan alweer in de middag vertrek. Ik hoop nog wel naar Carácas te kunnen gaan. Zoals vaak in de transportwereld schijnt te moeten gebeuren, zullen we dit ook maar weer moeten afwachten. Er blijkt feitelijk weinig zeker te zijn op onze reis. Onze eerstvolgende bestemming (om over de verderop liggende maar helemaal niet te spreken) is steeds weer een verrassing. In mijn kortsstondige zeemansloopbaan komt dit althans zo bij mij over. De 'beroeps' blijven er erg laconiek onder. ' Wehoren het wel of we zien het wel' is de basis van de filosofie. Of het over 5 dagen Sant Domingo zal zijn, met of zonder Rio Haina en over 10 dagen wel of niet Houston, het ligt nog steeds der toekomst verborgen. Ik bedoel hier beslist niet te zeggen dat men er 'apatisch' onder is. verre van dat. Maar jarenlang met hetzelfde bijlyje hakken (overigings een vreemde bezigheid voor een goede zeeman), kan ook een goede leerschool zijn. 's Avonds, wiegend op de Venezolaanse dining, de was weer eens gedaan. Aan boord zijn prima wasfaciliteiten, maar het beetje dat ik te wassen heb, gaat gemakkelijk in de wastafel. Een scheutje waspoeder van thuis en ziedaar, een lekker schuimend sopje doet de rest. Dan alles aan het drooglijntje dat ik gespannen heb in de douchecel en morgenochtend is al het goed kurkdroog dankzij het uitstekende luchtafzuigsysteem. Wie zei er iets over strijken? Even de vlakke hand erover erover en het wonder is geschied. Wanneer ik weer aan dek kom, flonkeren en glinsteren eindeloze aantallen lichtjes van de stad La Guaira me tegemoet. Een van de matrozen en motorman Bremer zijn aan het vissen. Alleen maar een lange lijn met een kunstvisje eraan. Ze hebben al wat gevangen, een soort makreel, die nog geen drie minuten nadat hij zijn waterwereld gedwongen heeft moeten verlaten, al ligt te sissen in de olijfolie, na behendig te zijn ontdaan van het inwendige. Volgens bootsman Villar Marino zijn de koppen het lekkerst, compleet met de ogen. Ik geef hem graag gelijk, maar bepaal mezelf tot een middenstukje. 2de stuurman Boom mag de werphengel van meneer Bremer ook eens hanteren en waarachtig, hij slaagt erin twee vissen aan dek te krijgen. Een hoop gespartel, maar ook zij ontgaan hun noodlot, gevat in olijfolie niet, hetgeen blijkt uit een hernieuwd gesis uit de kombuis. Van boven klinkt een schreeuw 'deur dicht' van de kapitein. De baklucht kan hem niet bekoren. althans niet op dit uur van de avond.

Nachtelijk visvangst op rede van La Guaira
Daar zou ik bijna vergeten te vermelden dat de bootsman zijn verjaardag heeft gevierd. ln zijn eigen met een aantal 'genodigden', bier, sodawater, blokjes ijs en wat hartigs. Zo'n viering is ongetwijfeld anders dan thuis, maar in ieder geval zijn dit toch een paar extra gezellige uurtjes, waarin de vooral komische verhalen uit het jarenlange zeemansbestaan worden uitgewisseld. Nog even terug naar de vispartij. Motorman Bremer is inmiddels belust op zwaardere buit. Hij heeft nu levend aas aan de lijn en hoopt daarmee een barracuda te verschalken. 'Die kunnen tot 2 meter lang worden', verzekert hij me, 'maar als ik die aan de lijn krijg, moet ik hem toch laten gaan. Veel te zwaar voor deze dunne lijn. Maar een kleintje moet wel lukken'. Dat zou best het geval hebben kunnen zijn, ware het niet dat onze barracuda ook niet van gisteren is. Hij laat zich niet beetnemen door de eerste de beste Hollander. lk zie hem in gedachten nog grijnzen: die lui van de STENTOR toch!

Verjaardag bootsman
Donderdagochtend 21 februari lopen we in alle vroegte de haven van La Guaira binnen. Al gauw zien we de heer Bruinsma, port superintendent voor Venezuela, de gangway opklimmen. Hij brengt me naar het kantoor van Transportadora General Venezolana C.A., agenten voor o.m. de KNSM. Hier maak ik kennis met de heer Geers. De koffie brouwt hij zelf in een automatische toestand. Even later komt de heer Van Boxtel binnen (hoor ik daar de klokjes van de een of andere gerstenatfabrikant klingelen?). De bedoeling is dat hij mij naar Carácas zal brengen, naar het hoofdkantoor van TGV. De heer Van Boxtel zit nog uit te puffen van de rit naar La Guaira over de drukke straatweg.En zometeen alweer dezelfde weg terug. Na wat Europese en Zuidamerikaanse verhalen te hebben uitgewisseld gaan we op weg. Het is een mooie rit, de imponerende bergmassieven tegemoet. Op een gegeven moment verdwijnen we in het binnenste van de Andes. Dit gaat zo nog enkele keren totdat we de stad Caracas vóór ons zien liggen. Op het hoofdkantoor van TGV kennis gemaakt met de heer Teunissen, vice-president en in de middag ook nog met de President, de heer H. Luciani. Zijn broer Marcos is operating manager in  La Guaira. Samen met de heren Teunissen en Van Boxtel in de stad gegeten in een zeer druk bezochte gelegenheid. Ik laat me door mijn gastheer adviseren en daar heb ik geen spijt van. Heerlijk was het. Na de lunch maken we gedrieën een wandeling door het centrum. Het is druk, met veel autoverkeer en het is warm. Het is verbazingwekkend te zien wat textielartikelen hier kosten. Kapitalen. Mijn gewoonte om in den vreemde als souvenir grote badhanddoeken mee te nemen, heb ik hier maar niet doorgezet.  Bovendien was er niet de tijd om daar nu echt naar op te zoek te gaan, maar de prijs zou mij toch wel hebben weerhouden. Jammer, want badhanddoeken, tafellakens e.d. beschouw ik als ’functionele’ souvenirs. Je kunt er echt wat mee doen en je hebt tegelijkertijd de herinnering. Na in de middag op kantoor te hebben rondgekeken brengt de heer van Boxtel me weer terug naar La Guaira. Het begint nu al behoorlijk druk te worden op de straatweg. Zodra hij me dan ook heeft afgeleverd gaat hij spoorslags terug , om toch nog een beetje tijdig thuis te kunnen zijn. Het is hier verkeerstechnisch dus al niet anders dan overal elders. En daarbij niet te vergeten dat de hoofdstad Carácas een 'trekpleister' is, met maar liefst vier miljoen inwoners. Wat La Guaira betreft, zo sprookjesachtig als het er in de nacht uit ziet met al zijn lichtjes, zo prozaisch is het overdag. wat er tegen de berghellingen opgebouwd is, zijn duizenden over het algemeen zeer schamele hutjes, opgetrokken van blik, plaatzijzer en planken. Vele zijn scheef gezakt op de losse zanderige ondergrond. Soms vlak aan de rand van steile stukken. Het gebeurt dan ook regelmatig dat tijdens zware regenval een aantal van deze huisjes naar benden glijdt en in elkaar zakt.

Caracas, de heren teunissen en van Boxtel voor het kantoor van Transportadora General Venezuela
De volgende dag, vrijdag, neemt de heer Bruinsma de kapitein en mij mee voor een tocht over het uitgestrekte haventerrein en daarna een flink aantal kilometers in westelijke richting langs de kust. Einddoel is Macuto Sheraton Hotel, waar we in de bar La Sirena wat koels tot ons nemen. tuin en zwembaden van dit hotel vormen nu zo'n plaatje, zoals je ze altijd ziet cab de Caraïbische wereld. Aantrekkelijke luchtig geklede dames paraderen hier rond of zetten zich lui aan de kant van de 'pool'. Anderen hebben de schaduw opgezocht van de tal fel gekleurde zonneparasols, die samen met de overvloedige palmenrijkdom, dat exotische karakter geven. Kortom, je vind hier de sfeer van luxe, waarvan vele van ons zullen zeggen 'voor mij hieft dit niet'. Dat is natuurlijk heel gemakkelijk gezegd, maar wanneer je er zo met je neus bovenop staat, als gast van de STENTOR en van meneer Bruinsma, of je behoort toevallig tot het vliegend personeel van de een of andere luchtvaartmaatschappij, dan zeg je ook niet 'zet mij maar in een tentje langs de weg'. Dan ga je naar de luxe wereld en dan geniet je ervan. We stappen weer in de auto op weg naar onze lunchplaats, het restaurant Los Rocos, gelegen aan de weg die hier en daar dicht langs de kust loopt. Het is een specialiteitenrestaurant op het gebied van vis, bekend in de wijde omtrek. De kapitein en mener Bruinsma doen zich te goed aan heerlijke gerechten. Van mij word hetzefde verondersteld, maar ik povere provinciaal, eet voor het erst in mijn leven inktvis en op dit moment nog enkele andere zeer uitheemse delicatessen. Na het dessert evenwel klaart mijn gezicht kennelijk erg opvallend op, want wat nadert daar ons tafeltje: heerlijke zoetigheden, zoals gebak en vruchtencompotes, zo in de trant van de Engelse 'sweets from a trolley' (Vrij vertaald: zoete delicatessen van het dienwagentje) Maar meneer Bruinsma, het was een fijne en gezellige lunch, waar ik nog lang aan zal terugdenken.   

En zo is mijn Venezolaanse avontuur bijna achter de rug. Vanavond vertrekken we met bestemming Santo Domingo. Dat word mijn laatste onderdompeling in deze tropische sferen. Nog verder meevaren met de STENTOR is allezins aanlokkelijk: de Golf van Mexico in, waar Houston wacht en dan New orleans constant ligt te swingen, maar mijn vakantiedagen 'zijn geteld'. Heel ver in de verte wenkt Het Scheepvaarthuis, schaamteloos en uitnodigend. Hoe zou ik dat kunnen weerstaan?

Word vervolgd
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE

Offline Devries

  • Sr. Member
  • Berichten: 425
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #36 Gepost op: do/ 5/jun/2014 : 18 : 43 »
WILLEM, een vraag:

je geeft aan uit welke Kroonvlag de verhalen komen, is dat dan ook het tijdbestek  dat de verhalen zich afspeelden,
of staat er eventueel nog een andere datum dat e.e.a. plaatsvond?


Offline Willem Visser

  • Administrator
  • Hero Member
  • Berichten: 5421
  • Geslacht: Man
Re: DE KROONVLAG
« Reactie #37 Gepost op: do/ 5/jun/2014 : 20 : 44 »
Jarno, bij de verhalen zelf staat geen datum wanneer hoe of wat. Dus ga ik er van uit, dat het gebeuren zich afspeelde een maand voordat de Kroonvlag uitkwam.
GR. WILLEM V. / OLD SAILORS NEVER DIE